Oprichtersaansprakelijkheid: hoe groot is het risico écht (en hoe vermijd je het)?

Voilà, je BV is opgericht, je privévermogen zit safe. Maar is dat wel écht zo? 🤔

Niet helemaal. Jep, met een BV blijven je eigen centen in principe beschermd. Maar er zijn grenzen. Gaat je vennootschap binnen de drie jaar failliet en blijkt achteraf dat ze vanaf dag één te weinig middelen had om te overleven? Dan kan de rechter jou als oprichter toch persoonlijk aansprakelijk stellen voor de schulden. Lap, da’s minder. 

Of je daar nu drie jaar je slaap voor moet laten? Nope. Met een deftig financieel plan sluit je dat risico voor ‘t grootste deel uit. Hoe dat precies zit en waar je op moet letten? Je ontdekt het hieronder.

Deze blog is gebaseerd op de cijfers en wetgeving van 26/06/2026. Bij wijzigingen zorgen we voor een nieuwe, geüpdatete blog.
 

TL;DR

✔ Een BV beschermt je privévermogen, maar er zijn uitzonderingen.

✔ Ga je binnen de drie jaar failliet met een te laag startkapitaal? Dan kan je als oprichter persoonlijk aansprakelijk zijn.

✔ Het draait niet om het bedrag, maar om de vraag of je vennootschap voldoende heeft om de eerste twee jaar te blijven draaien.

✔ Je financieel plan is je belangrijkste bewijs én je bescherming.

✔ Voor een managementvennootschap valt het startkapitaal meestal goed mee: vaste inkomsten en beperkte kosten.

Je BV oprichten zonder kapitaal: hoe zit dat?

Sinds 2019 bestaat er voor BV’s (vennootschappen, geen Bekende Vlamingen) geen minimumkapitaal meer. Handig! Kan je die spaarcenten meteen voor iets anders gebruiken en dat bezoekje aan de bank gewoon skippen.

Toch denk je best twee keer na voor je bij de notaris verkondigt dat je jouw vennootschap met een symbolische euro opricht. Want de wet heeft één belangrijke voorwaarde: bij de oprichting moet je vennootschap over voldoende middelen beschikken om de eerste twee jaar zonder problemen te overleven. 

Hoe je dat kunt bewijzen? Simpel: met een financieel plan.

Je financieel plan: meer dan een formaliteit

Gaat je haar ook al rechtop staan wanneer je de term ‘financieel plan’ hoort? Snappen we. ‘t Is nu eenmaal niet het meest sexy deel bij de opstart van je vennootschap. Weg sfeer. 🫠

En toch mag je ‘t niet snel-snel doen. Want met dit document bewijs je dat je vooraf goed nagedacht hebt over de haalbaarheid van je onderneming. En da’s meteen ook je belangrijkste bescherming tegen die oprichtersaansprakelijkheid.

Gaat je vennootschap binnen de drie jaar over kop? Dan kan de rechter je financieel plan opvragen. Blijkt dat je het te rooskleurig zag en je startkapitaal onvoldoende was om je vennootschap de eerste twee jaar te laten draaien? Dan sta jij persoonlijk in voor de schulden.

Wat moet er allemaal in dat financieel plan?

Bon, tijd om werk te maken van dat financieel plan. Maar wat moet daar eigenlijk allemaal in

In ‘t kort is het vooral dit:

👉 Een beschrijving van je activiteiten

👉 Een overzicht van de verwachte inkomsten en kosten

👉 Een liquiditeitsprognose (aka: wanneer gaat er geld binnen en buiten)

👉 De veronderstellingen waarop je cijfers gebaseerd zijn

👉 Een uitleg waarom je gekozen startbedrag voldoende is

Tot in de puntjes je financieel plan opmaken? In deze blog tonen we je hoe je dat doet.

PS: Start je bij die van de boekhouding dan maken we het financieel plan natuurlijk gewoon voor jou!

Waarom je managementvennootschap vaak weinig startkapitaal vraagt

Richt je een managementvennootschap op, dan valt dat startkapitaal meestal goed mee. Je hebt immers vaak een goed zicht op je inkomsten (vaste samenwerking: check) én op je kosten. Gevolg: weinig investeringen en bijgevolg weinig opstartkosten.

Die symbolisch één euro waarover we ‘t eerder al hadden? Da’s wettelijk perfect mogelijk. Maar alleen als je financieel plan ook kan aantonen dat dat bedrag realistisch is.

 

Let op: té veel startkapitaal is ook niet goed

Je zou kunnen denken: “Ik breng voor de zekerheid maar wat meer geld in, dan loop ik geen risico.” Slimme bedenking, maar da’s niet hoe het werkt. Al het geld dat je erin stopt, zit namelijk vast. Wil je dat er op een bepaald moment uithalen? Dan zijn er vaak fiscale en juridische formaliteiten (oftewel: ‘t gaat je geld kosten).

Onze tip? Steek er genoeg in om veilig te starten, maar ook niet meer dan nodig.

Oprichtersaansprakelijkheid vs. bestuurdersaansprakelijkheid

Nog even voor de volledigheid (je kent ons, hé): ook al volg je flink alle stappen, dat betekent niet dat je nooit meer aansprakelijk kunt zijn. Want die oprichtersaansprakelijkheid? Da’s niet hetzelfde als bestuurdersaansprakelijkheid.

Dat laatste gaat over de fouten die je maakt tijdens het bestuur van je vennootschap. Bijvoorbeeld wanneer je je jaarrekening niet of te laat neerlegt, of wanneer je bewust blijft doorgaan terwijl je weet dat je vennootschap haar schulden niet meer kan betalen.

Samengevat: een degelijk financieel plan beschermt je tegen het eerste. Dat tweede? Da’s een ander verhaal (en voer voor een andere blog).

Conclusie

Een BV opgericht omdat je dan minder risico hebt privé? Zo zwart-wit is het jammer genoeg niet. Want ga je binnen de drie jaar failliet en blijkt dat je startkapitaal te laag was (oftewel: je had de toekomst té rooskleurig voorgesteld)? Dan kan je als oprichter nog altijd persoonlijk aansprakelijk gesteld worden.

Kleine nuance: ‘t draait niet om het bedrag op je rekening als je opricht, maar om de vraag of je vennootschap genoeg heeft om de eerste twee jaar te doen wat ze moet doen. Hoe je bewijst dat je daar effectief over hebt nagedacht? Met een financieel plan. Klinkt niet echt sexy, maar het is nog altijd je beste bescherming voor, tijdens én na de oprichting.

 

Hulp nodig bij dat financieel plan?

Of gewoon eens laten checken of je ‘t realistisch hebt ingeschat? Stuur ons een WhatsApp’ke, dan duiken wij in je cijfers én je plan. Hoef je daar alvast je slaap niet meer over te laten.

Woordenschatlijst voor niet-boekhouders

Volgende
Volgende

VVPRbis en liquidatiereserve eindelijk goedgekeurd: dit verandert er vanaf 1 juli 2026