Je managementvennootschap stopzetten: wat moet je weten (en wat kost het)?
En wat gebeurt er met het geld bij het stopzetten van jouw vennootschap
Gestart vanuit ‘ja, dat is ’t hier’ en nu toch aan ’t twijfelen om je managementvennootschap stop te zetten?
Ja, je eigen baas zijn heeft zo z’n voordelen. Je kiest zelf je opdrachten. Je bepaalt waar en wanneer je werkt. En je krijgt er meteen nog wat financiële én fiscale voordelen bovenop. Grote kans dat terug naar loondienst niet meteen op je bucketlist staat.
Maar soms verandert er iets. Een opdrachtgever stopt. Je wil meer zekerheid. Of je beseft dat werken in loondienst toch beter bij je past dan gedacht. En dan vraag je je af: hoe zet ik m’n vennootschap stop, en wat kost me dat? 🤔
Het goeie nieuws: je bent niet getrouwd met je vennootschap. Maar ‘t is ook geen zomerliefde waar je zonder gevolgen adios tegen zegt.
In deze blog ontdek je wat er juridisch, fiscaal en financieel gebeurt als je stopt. En wanneer het misschien slimmer is om je vennootschap toch niet helemaal op te doeken. Spoiler alert: er is nog een andere optie. 👀
“PS: Deze blog is gebaseerd op de cijfers en wetgeving van 27/02/2026. Bij wijzigingen zorgen we voor een nieuwe, geüpdatete blog.”
TL;DR
✔ Je vennootschap stopzetten kan altijd, maar het gebeurt niet vanzelf. Ontbinding en vereffening zijn verplicht.
✔ Bij vereffening betaal je in principe 30% roerende voorheffing op het liquidatiesaldo. Tenzij je eerder met liquidatiereserves werkte.
✔ Hoe je je winst in het verleden verdeelde (liquidatiereserve of VVPR-bis) bepaalt hoeveel je netto overhoudt. Timing maakt dus een groot verschil.
✔ Twijfel je nog? Dan kan een slapende vennootschap een alternatief zijn. Maar ook zonder activiteit blijft administratie verplicht.
✔ Een goede exitstrategie is minstens zo belangrijk als een slimme opstart.
-
Hoe zet je je managementvennootschap juridisch stop?
Ontbinding en vereffening in één akte
De klassieke vereffening
Kan je zomaar je managementvennootschap stopzetten?
Laat ons beginnen bij ’t beginnen: ja, je kan je managementvennootschap op elk moment stopzetten. Geen minimumtermijnen zoals bij een huurcontract dus.
Maar stoppen is niet zonder gevolgen. Je vennootschap is namelijk een aparte rechtspersoon. En die verdwijnt niet gewoon omdat jij beslist om te stoppen. Ben je zeker dat je ermee wil ophouden? Dan moet dat officieel gebeuren: via ontbinding en vereffening.
Klinkt zwaar? Valt mee, als je de spelregels kent. Hieronder leggen we stap voor stap uit hoe dat werkt. Zodat je niet plots voor verrassingen staat (en nee, die zijn zelden tof). 😅
Hoe zet je je managementvennootschap juridisch stop?
Wil je stoppen? Dan moet je managementvennootschap officieel ontbonden en vereffend worden. Dat kan op twee manieren:
1️⃣ via een klassieke vereffening (die meestal wat langer duurt);
2️⃣ of via een ontbinding en vereffening in één akte (ook wel snelle stopzetting genoemd)
Voor de meeste managementvennootschappen is die snelle procedure perfect haalbaar. Maar alleen als je aan een paar voorwaarden voldoet.
Ontbinding en vereffening in één akte
Regel je de dingen graag snel en efficiënt? Kan perfect! Tenminste, als je vennootschap proper is afgesloten. Concreet betekent dat:
👉 Je hebt geen schulden meer op het moment van stopzetting.
👉 Er zijn geen openstaande verkoopfacturen meer bij je klanten.
👉 Alle aandeelhouders zijn akkoord dat je wil stoppen.
En wat met de vaste activa? Denk aan je wagen, laptop, laadpaal of kantoormeubilair dat je met de zaak kocht. Die mogen niet zomaar blijven staan. Je moet ze correct afhandelen: verkopen aan een derde, laten overnemen door de aandeelhouder(s) of uitkeren in natura.
Belangrijk is dat je altijd een marktconforme waarde hanteert. Je splinternieuwe bedrijfswagen verkopen aan €1 is dus een no-go. 🤭
De klassieke vereffening
Zijn er op het moment van stopzetting toch nog wat losse eindjes? Dan kom je in een klassieke vereffening terecht.
In zo’n situatie wordt meestal een vereffenaar aangesteld. Die zorgt ervoor dat schulden betaald worden, activa verkocht of verdeeld worden en dat alles juridisch correct wordt afgerond.
Ja, dat duurt wat langer en brengt extra kosten met zich mee. Maar dan ben je wel zeker dat alles netjes en correct is afgesloten. Bespaart je meteen wat slapeloze nachten. 😴
Wat kost het om je managementvennootschap stop te zetten?
Net zoals bij de opstart van je vennootschap, komen er ook bij het stopzetten kosten om de hoek kijken. En daar ben je maar beter op voorbereid. Geef toe, ’t is nooit leuk om plots facturen op de mat te vinden waar je je niet aan had verwacht.
Hier hou je best rekening mee:
Notaris: ± €1.000 - €1.500
Tussenkomst bedrijfsrevisor: ± €1.000 - €1.500
Publicatie Belgisch Staatsblad en schrapping KBO: ± €350
Los van die specifieke stopzettingskosten is er ook nog je boekhouder (hey, ‘t zijn wij 👋). Want ook in het jaar waarin je stopt, moet je boekhouding correct gevoerd en afgesloten worden. De kostprijs hangt af van hoe complex je dossier is, maar reken gemiddeld op ± €1.000 - €2.500.
👉 In totaal kom je dus vaak uit tussen €3.350 en €5.850. Da’s niet min.
Twijfel je dus nog? Dan is het geen slecht idee om eerst alles nog eens goed te bekijken. Want stoppen en een jaar later opnieuw starten, da’s dubbele kosten maken.
Wat gebeurt er met het geld in je vennootschap?
Schulden afbetaald, alles verkocht en je facturen netjes betaald? Dan blijft er meestal nog wat geld over op je zakelijke rekening. Dat vormt het eigen vermogen van de vennootschap: het kapitaal dat je ooit inbracht + je opgebouwde reserves. 💰
Zet je je vennootschap stop? Dan gaat dat bedrag terug naar de aandeelhouders. Dat noemen we het liquidatiesaldo. Daarop betaal je in principe 30% roerende voorheffing.
Tenzij (jep, er zijn uitzonderingen) je in het verleden al met liquidatiereserves werkte. In dat geval betaalde je bij de aanleg al 10% belasting op dat deel van je winst. Bij de vereffening is er op datzelfde deel geen bijkomende roerende voorheffing meer verschuldigd.
Denk je nu: en VVPRbis dan? Je weet wel, dat regime waarbij je je winst vanaf het derde boekjaar na inbreng mag uitkeren aan een verlaagd tarief van 18% roerende voorheffing? Dat geldt jammer genoeg niet voor het liquidatiesaldo zelf.
>> Lees hier meer over VVPRbis
Daarom wordt er bij een geplande stopzetting vaak bekeken of het niet interessanter is om vóór de vereffening al dividenden uit te keren aan verlaagd tarief, in plaats van alles via het liquidatiesaldo te laten lopen. Zo blijft er netto meer over.
Wat is dat nu weer, zo’n liquidatiereserve?
Een liquidatiereserve is een fiscaal slimme manier om winst in je vennootschap te reserveren, met een lager belastingtarief op langere termijn.
Hoe dat precies werkt? Je boekt (een deel van je winst) als liquidatiereserve en betaalt daar meteen 10% belasting op in je vennootschap.
Legde je de reserve vóór 2026 aan? Dan kan je ze na 5 jaar uitkeren aan 5% roerende voorheffing, of na 3 jaar aan 6,5%. Leg je de reserve aan vanaf 2026? Dan kan je ze nog enkel uitkeren na 3 jaar aan 6,5%.
Wacht je tot bij de vereffening van je vennootschap? Dan betaal je op dat deel geen bijkomende roerende voorheffing meer. Een pak interessanter dus dan die 30%.
👉 Meer weten? In deze blog leggen we ’t je duidelijk uit.
Wat hou je nu netto over? Een voorbeeld
Al goed en wel, die theorie. Maar uiteindelijk wil je gewoon weten wat er op het einde van de rit écht overblijft. Hieronder zie je twee concrete scenario’s waarin het verschil meteen duidelijk wordt.
Voorbeeld 1: géén liquidatiereserve
Taylor richt in 2015 haar managementvennootschap op. Ze laat haar winsten jarenlang in de vennootschap zitten en bouwt €150.000 reserves op. Ze legt geen liquidatiereserve aan.
In december 2025 besluit ze om te stoppen. Dit is het resultaat:
Liquidatiesaldo: €150.000
Roerende voorheffing (30%): €45.000
Netto voor Taylor: €105.000
Omdat haar vennootschap al langer dan drie jaar bestaat, kan ze er ook voor kiezen om vóór de vereffening nog dividenden uit te keren aan het verlaagd VVPRbis-tarief. Dat kan haar enkele duizenden euro’s besparen.
In dat geval:
Reserves: €150.000
Roerende voorheffing (18%): €27.000
Netto voor Taylor: €123.000
Bij de vereffening zelf blijft er dan (quasi) geen reserve meer over om nog als liquidatiesaldo uit te keren. Maar dat verschil van €18.000 maakt dat meer dan goed. Timing is dus key. ⏰
Voorbeeld 2: wél liquidatiereserve aangelegd
Ook hier richt Taylor in 2015 haar managementvennootschap op en reserveert ze €150.000 winst. Maar in plaats van die winst gewoon in de vennootschap te laten staan, kiest ze ervoor om elk jaar een liquidatiereserve aan te leggen. Op dat gereserveerde bedrag betaalt ze bij aanleg 10% afzonderlijke aanslag.
Concreet ziet dat er zo uit:
Afzonderlijke aanslag (10%): €13.636,36
Netto liquidatiereserve in vennootschap: €136.363,64
In december 2025 (net zoals in voorbeeld 1) beslist ze om te stoppen.
Dit is het resultaat bij vereffening:
Liquidatiesaldo (liquidatiereserve): €136.363,64
Extra roerende voorheffing bij vereffening: €0
Netto voor Taylor: €136.363,64
De belasting werd dus al eerder betaald. Bij de stopzetting is er geen 30% roerende voorheffing meer verschuldigd. Met een liquidatiereserve betaalde ze dus €13.636,36 in plaats van €45.000 zonder planning. Da’s een verschil van meer dan €31.000. Niet slecht.
“Waarom leg ik dan geen liquidatiereserve aan van in het begin?”
Wanneer je je vennootschap opstart, ben je meestal niet bezig met hoe je ze ooit weer zou stopzetten. (Tenzij je natuurlijk graag voorbereid bent op alles, er is een reden waarom we deze blog schrijven natuurlijk 😉).
Je denkt eerder: oké, drie jaar wachten, VVPRbis toepassen, netjes aan een verlaagd tarief uitkeren (18%), iedereen content. Dat is het plan.
Maar soms komt de vraag: “Moet ik dan geen liquidatiereserve aanleggen vanaf dag één?” Want 10% klinkt natuurlijk sexy. Tien! Dat is minder dan achttien. Zover was je wel mee tijdens de wiskundeles.
Maar als je vanaf dag één liquidatiereserves aanlegt “voor het geval dat” en je blijft gewoon verder doen (wat meestal de bedoeling is), dan moet je héél lang wachten om effectief aan die 10% te kunnen uitkeren. Daarom wordt er niet standaard een liquidatiereserve aangelegd.
Fiscale planning vóór je je managementvennootschap stopzet
Uit het laatste voorbeeld blijkt het al: je vennootschap stopzetten begint niet op het moment dat je beslist om de stekker eruit te trekken. Het begint op de dag dat je ze opstart. Of beter nog, bij elke beslissing die je daarna neemt.
Ben je bijvoorbeeld zeker dat je binnen enkele jaren wil stoppen en heb je dat geld voorlopig niet privé nodig? Dan kan het slim zijn om nu al liquidatiereserves aan te leggen. Ja, je betaalt vandaag al 10%. Maar je vermijdt later mogelijk 30%. Da’s toch een mooie nettowinst als je ’t ons vraagt. 🙌
Wil je nog jarenlang verder met je vennootschap en wil je je winst sneller naar je privé halen? Dan is VVPRbis vaak interessanter. Tenminste, als je aan alle voorwaarden voldoet.
Om maar te zeggen: je winst is niet gewoon een schoon getalleke op papier. Denk er dus elk jaar bewust over na. Zo zit je safe als je effectief wil stoppen. You’re welcome.
De slapende vennootschap: slim alternatief voor stopzetten
Geen activiteiten meer? Dat betekent daarom nog niet dat je je vennootschap meteen moet ontbinden. Want stoppen om een jaar later opnieuw op te starten? Da’s zonde van je geld.
Wil je dus nog even je opties openhouden? Dan kan een slapende vennootschap een slim alternatief zijn. 😴
Een slapende vennootschap oefent geen commerciële activiteiten meer uit, maar blijft juridisch wel gewoon bestaan. Met andere woorden: geen opdrachten, geen facturen, geen omzet. Je vennootschap doet dus even een dutje, maar blijft wel wakker op papier.
Concreet betekent dat:
✅ Je vennootschap blijft ingeschreven bij de KBO.
✅ Ze behoudt haar rechtspersoonlijkheid.
✅ Ze kan nog contracten afsluiten en bankrekeningen aanhouden.
✅ Ze moet haar administratieve verplichtingen blijven nakomen.
En dat laatste is niet onbelangrijk. Want ook zonder activiteit moet je wel nog altijd je jaarrekening neerleggen, je aangifte vennootschapsbelasting indienen én je btw-verplichtingen correct opvolgen (of je btw-nummer laten schrappen).
Resultaat: een jaarlijkse kost van zo’n €1.000. Nog altijd een pak minder dan eerst vereffenen en daarna opnieuw oprichten. In bepaalde gevallen kan je ook een vrijstelling van de vennootschapsbijdrage aanvragen.
⚠️ Let op: laat je administratie niet liggen. Een slapende vennootschap zonder correcte opvolging kan leiden tot boetes. Zo kan de btw-administratie eerdere kosten verwerpen of vragen om een gedeelte terug te betalen. En daar zit niemand op te wachten.
Conclusie
Wil je je managementvennootschap stopzetten? Dan ga je beter niet over één nacht ijs. Zo’n ontbinding en vereffening brengt namelijk wel wat administratie en kosten met zich mee. En ’t zou jammer zijn van je geld als je daarna vroeger dan verwacht toch opnieuw wilt opstarten.
Wat je wél al kan doen? Da’s elk jaar bewust omgaan met je winst. Ben je van plan om nog even te ondernemen? Dan kan je die winst fiscaal interessant reserveren (via een liquidatiereserve) of uitkeren (bijvoorbeeld via VVPRbis). Doe je dat niet, dan betaal je bij vereffening gewoon de volle 30% roerende voorheffing.
Twijfel je nog? Dan kan een slapende vennootschap een tussenoplossing zijn. Let er wel op dat je administratie in orde blijft. Anders riskeer je een bezoekje van de fiscus. En nee, da’s niet met bloemen en chocolade.
Samengevat: wie vooruit plant, vermijdt verrassingen.
Niet zeker of stoppen de beste keuze is?
Plan iets in met onze collega’s en laat het ons samen even alles op papier zetten. Want de beste keuzes worden nog altijd gemaakt aan de tekentafel, met een koffietje on the side. Onze lijnen zijn geopend. ☎️
Woordenschatlijst voor niet-boekhouders
-
Alle bezittingen van je vennootschap. Denk aan je wagen, laptop, gsm, kantoormeubilair of andere materialen die de vennootschap aankocht. Bij een vereffening moeten deze correct worden afgehandeld tegen marktwaarde via verkoop aan een derde, overname door de aandeelhouder of verrekening via het liquidatiesaldo.
-
Het totale vermogen van de vennootschap dat toebehoort aan de aandeelhouders. Het bestaat uit het oorspronkelijk ingebrachte kapitaal en de winsten die in de vennootschap werden gehouden (reserves). Bij vereffening vormt dit de basis van het liquidatiesaldo.
-
De waarde van je vennootschap op papier: gestort kapitaal + reserves.
-
De officiële databank waarin alle Belgische ondernemingen geregistreerd zijn. Ook een slapende vennootschap blijft ingeschreven in de KBO.
-
Een fiscaal systeem waarbij je (een deel van) je winst reserveert en daar onmiddellijk een afzonderlijke aanslag van 10% op betaalt. In ruil kan je die reserve later uitkeren aan een verlaagd tarief van roerende voorheffing (na een wachttermijn) of zonder bijkomende roerende voorheffing bij vereffening. Het systeem werd hervormd vanaf 2026, met aangepaste tarieven en termijnen.
-
Het bedrag dat overblijft in je vennootschap nadat alle schulden zijn betaald en alle activa correct zijn afgehandeld bij stopzetting. Dit saldo wordt uitgekeerd aan de aandeelhouder(s) en is in principe onderworpen aan 30% roerende voorheffing.
-
De officiële juridische procedure om een vennootschap stop te zetten. Eerst wordt de vennootschap ontbonden (de beslissing om te stoppen), daarna vereffend (alle schulden betalen, activa afhandelen en het resterende saldo uitkeren).
-
Belasting die verschuldigd is op uitgekeerde winsten, zoals dividenden of het liquidatiesaldo bij vereffening. Het standaardtarief bedraagt 30%, tenzij een verlaagd regime van toepassing is (bijvoorbeeld liquidatiereserve of VVPR-bis bij dividenden).
-
Een vennootschap die geen commerciële activiteiten meer uitoefent, maar juridisch blijft bestaan. Ze blijft onderworpen aan administratieve verplichtingen zoals het neerleggen van een jaarrekening en het indienen van fiscale aangiftes.
-
Een fiscaal regime waarbij dividenden onder bepaalde voorwaarden kunnen worden uitgekeerd aan een verlaagd tarief van roerende voorheffing. Dit regime geldt enkel voor gewone dividenduitkeringen en niet voor het liquidatiesaldo bij vereffening.